COVID-19 deel 1: een sterk afweersysteem met of zonder een pil en glas sap

Voordat je begint aan deze blog wil ik tegen je zeggen dat ik GEEN viroloog of expert ben op het gebied van virussen en/of bacteriële infecties. De informatie, die ik verspreid, komen van wetenschappelijk onderbouwde boeken en experts van het RIVM. Meer weten over COVID-19? Check dan de website van het RIVM

Mijn grootste inspiratiebron voor het schrijven van deze twee blogs was mijn mailbox. Mailbox? Sinds het coronavirus ons kikkerlandje is binnengevallen, ontvang ik dagelijks twee tot vijf mails met onderwerpen als: “boost je immuunsysteem met supplement X” of “voorkom dat je corona krijgt! Drink dagelijks X en versterk je weerstand”. Ik rol nog net niet met mijn ogen en zucht erbij. Spamberichten zijn ten eerste altijd vervelend en ten tweede vind ik het naar dat bedrijven jou en mij een ‘wondermiddel’ willen verkopen tegen het virus. Mensen, er bestaat geen pil of drankje dat je beschermd tegen corona. Immuniteit (betekenis: je bent immuun voor een bepaalde bacterie en/of virus) slik en drink je niet, dat bouw je op met je lichaam. Vandaag lees je deel één van de tweedelige blogserie: een sterk afweersysteem met of zonder een pil of glas sap. Ik leg je uit wat een virus is en hoe je lichaam zichzelf beschermd en immuun maakt. In deel twee leg ik je de verbanden uit van een sterk afweersysteem en het eten van gezonde voeding.

Wat is een virus en hoe verspreid het zich?

Virussen behoren niet tot de groep ‘levende organismen’, zoals bacteriën, omdat ze geen cellulaire bouw en een eigen stofwisseling hebben. Met andere woorden: virussen zijn niets anders dan genetisch materiaal (DNA of RNA) in een omhulsel. Hierdoor kunnen virussen niet uit zichzelf vermeerderen. Daarvoor hebben ze een ‘gastheer’ nodig. Zo zijn er, naast algemene virussen, specifieke plant-, dier-, mens- en bacterievirussen. Deze virussen kunnen zich alleen vermeerderen in planten, dieren, mensen en/of bacteriën. Nadat een levende organisme, bijvoorbeeld wij als mens, zijn geïnfecteerd met een virus, hecht het virus zich aan een gezonde cel. Het virus dringt zich in de cel en kan zich daar vermenigvuldigen. Wat trouwens ten koste gaat van de gezonde cel. Vervolgens breekt de geïnfecteerde cel in ons lichaam open waarna nieuw virusdeeltjes de omliggende cellen infecteren [1].

Welke afweersystemen heeft ons lichaam?

Voordat een virus of bacterie ons lichaam binnentreedt en schade kan aanrichten, moet het enkele lichamelijke afweersystemen te slim af zijn. Ons lichaam heeft namelijk meerdere ‘verdedigingslinies’ die met elkaar samenwerken. De eerste linie, waar het virus en/of bacterie doorheen moet, is onze huid (extern) en slijmvliezen (intern). De huid is niet alleen een ondoordringbare fysieke barrière, maar bevat ook verschillende soorten afweercellen in de buitenste laag van de huid. Slijmvliezen bekleden de gastro-intestinale- (maag en darmen), respiratoir- (longen) en urogenitale (urine- en voortplantingsstelsel) kanalen en vangen daarmee de indringers. Hierdoor kunnen de indringers zich niet vast hechten aan het weefseloppervlak (gezonde cellen) en vermeerderen. De tweede verdedigingslinie wordt geactiveerd zodra het virus en/of de bacterie het lichaam is binnen gedrongen. Deze linie bestaat uit een aspecifiek- en specifiek afweersysteem.

Aspecifiek afweersysteem

Het aspecifieke afweersysteem bestaat uit verschillende leukocyten (witten bloedcellen), waaronder fagocyten en macrofagen, die elke indringer opruimen. Het maakt niet uit of dit een bacterie, parasiet of virus is. Fagocyten en macrofagen eten de indringer op, ‘identificeren’ het en plaatsen het antigeen (DNA van de indringer/lichaamsvreemde stof) op hun celoppervlak zodat het specifieke afweersysteem geactiveerd wordt.

Specifiek afweersysteem

Dit type afweersysteem, misschien verklapt de naam het al, bestrijdt een specifieke indringer en kan antistoffen/antilichamen produceren zodat je immuun wordt. Hoe het werkt? De fagocyten en macrofagen, waar ik het eerder over had, presenteren dus een stukje van de opgegeten boosdoener. Een T-helpercel bindt zich aan dit stukje en produceert cytokines (signaalstoffen). Hierdoor worden de T-cellen en B-cellen geactiveerd. Dit zijn de soldaten in ons lichaam. Zij gaan naar de andere indringers opzoek.

  • B-cellen

B-cellen (plasmacellen) maken antistoffen en spelen een rol in de humorale afweer. Zolang de indringer in ons lichaamsvocht bevindt, zoals bloed, worden ze door de B-cellen aangevallen. Virussen kunnen, door de aangemaakte antistoffen van de B-cellen, geen cellen meer infecteren. Bacteriën gaan kapot of worden door de antistoffen makkelijker opgeruimd door de fagocyten.

  • T-cellen

T-cellen maken antistoffen en richten zich op geïnfecteerde cellen (cellulaire afweer). Bijvoorbeeld virussen. T-cellen zijn in staat om geïnfecteerde cellen lek te schieten waarna de inhoud van de cel (met het virus) opgeruimd kan worden [2].

Immuniteit is niet hetzelfde als een goed werkend afweersysteem

Een goed werkend afweersysteem is niet hetzelfde als immuniteit! Ik hoor nog genoeg mensen die zeggen: “ik heb een sterk afweersysteem, daar ben ik immuun voor.” Je bent pas immuun voor een ziekteverwekker als je B-cellen en/of T-cellen in contact zijn geweest met deze indringer! Na de eerste infectie (eerste ontmoeting) worden er namelijk antilichamen (antistoffen) én specifieke geheugencellen geproduceerd. Word je na de eerste infectie opnieuw geïnfecteerd met dezelfde ziekteverwekker? Grote kans dat je niet en/of minder heftig ziek wordt. Dit komt omdat je lichaam, dankzij de geheugencellen, de ziekteverwekker herkent waardoor het afweersysteem op tijd antistoffen kan maken. Op deze kennis is de vaccinatie gebaseerd. Tijdens een vaccinatie krijg je in kleine hoeveelheden ziekteverwekkers ingespoten, waarna je lijf antistoffen en geheugencellen kan produceren. Je bent dan immuun [2].

Immuniteit opbouwen door het slikken of drinken van een pilletje of drankje is, in mijn ogen, weggooien van geld. Zoals je eerder hebt gelezen, word je immuun voor een ziekteverwekker wanneer je ermee geïnfecteerd bent geweest. In de deel twee van deze blogserie vertel ik je hoe je jouw afweersysteem optimaal houdt met voeding.

Liefs, Laura

Bronnen

  1. Dijk R. Veilig voedsel. Microbiologische principes, chemische en fysische factoren. tweede druk. Den Haag: Boom Lemma; 2014. p. 55.
  2. Rolfs S.R, Pinna K, Whitney E. Understanding Normal and Clinical Nutrition. tiende druk. Stamford USA: Cengage Learning; 2015. P. 570-574.
0 0 vote
Article Rating
Abonneer
Abonneren op
guest
0 Reacties
Inline Feedbacks
View all comments

Dit vind je vast ook leuk:

informatie en inspiratie
betreffende voeding

informatie en inspiratie
betreffende mindset

informatie en inspiratie
betreffende training

onze podcast serie

informatie en inspiratie
betreffende voeding

informatie en inspiratie
betreffende mindset

informatie en inspiratie
betreffende training

onze podcast serie

0
Would love your thoughts, please comment.x
()
x